13 april 2014 Bert Mooiman en Patrick Pranger (bariton)

Programma

J.S. Bach (1685-1750)    
Uit de Johannes-Passion BWV 245:          Arioso: Betrachte, meine Seele
Uit de Matthäus-Passion BWV 244:         Aria: Mache dich, mein Herze, rein
Koraalvoorspel BWV 656:                          O Lamm Gottes, unschuldig

Dvořák (1841-1904)        
Uit Biblische Lieder op. 99:                         
nr. 3: Gott, erhöre mein inniges Flehn
nr. 6: Hör, o Vater, wie ich Dich bitte
nr. 8: Wende dich zu mir                                                                                                                             

H. Andriessen (1892-1981)                          Adoro te

Pauze

3 Gregoriaanse gezangen uit de 40-dagentijd, afgewisseld met orgelimprovisaties:        
– Visionem quam vidistis (communio 2e zondag)
– Hosanna Filio David (antifoon Palmzondag)
– Maneant in vobis (antifoon Witte Donderdag)

C .Franck (1822-1890)    Prière Improvisatie (bariton en orgel)

Patrick Pranger is als zanger actief op alle zangdisciplines, maar heeft een voorkeur voor het oratoriumvak. Zo zong hij de grote werken en vele cantates van Bach, maar ook bijvoorbeeld de ‘Petite Messe Solennelle van Rossini en de requiems van Duruflé, Fauré en Mozart.Na een studie zang aan het Noord-Nederlands Conservatorium te Groningen, studeerde hij koordirectie aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag  bij Jos Vermunt en Jos van Veldhoven. Op dit moment is Patrick dirigent van een drietal koren: ROV Sonante Vocale een jong oratoriumkoor uit Amersfoort, kamerkoor Corps d’Esprit uit Rotterdam en het Noordhollands Muziekensemble. Ook is hij Cantor in de Nieuwe Badkapel te Scheveningen

Bert Mooiman studeerde aan het Koninklijk Conservatorium (Den Haag). Hij behaalde de diploma’s Uitvoerend Musicus piano (bij Theo Bruins) en orgel (bij Wim van Beek, improvisatie bij Bert Matter) cum laude, en ontving de Fock-medaille voor zijn bijzondere artistieke prestaties. Bert Mooiman is een veelzijdig musicus: hij treedt niet alleen op als pianist (solistisch en in kamermuziekverband) maar ook als organist, als basso continuospeler en met verschillende orkesten, waaronder het Rotterdams Philharmonisch Orkest.  Van 1993 tot 2000 werkte hij als pianosolist voor Het Nationale Ballet. Sinds 2000 is hij als docent hoofdvak muziektheorie, piano en improvisatie verbonden aan het Koninklijk Conservatorium. Sinds 1989 is hij vaste organist van de Nieuwe Badkapel, waar hij ook artistiek leider is van de serie Badkapelconcerten